Dr. Aad van Londen

Welk type ouder bent u?

  Welk type ouder bent u?


Onderstaande test is een populaire versie van de HAS (Handelen van ouders in Alledaagse Situaties). Met behulp van de HAS kan een opvoedingsstijl vastgesteld worden. Bent u Autoritatief, Toegevend of Autoritair. Deze populaire versie is ook in de Libelle Nr. 49 (1993) verschenen. Aan de uitkomst van deze populare versie mag geen serieuze waarde worden gehecht omdat de test niet onder de juiste omstandigheden wordt afgenomen, niet door deskundige personen wordt afgenomen en er voor deze versie geen validiteits- en betrouwbaarheids gegevens zijn. Het is hoogstens aardig voor ouders om de vragen te beantwoorden en eens te kijken wat de uitkomst is.
Er bestaat een HAS versie die voor onderzoek gebruikt kan worden. Deze versie van de Has meet ook nog de Verwaarlozende Opvoedingsstijl.

HAS (Handelen van ouders in Alledaagse Situaties)

Hieronder worden verschillende situaties beschreven die u als ouder dagelijks kunt meemaken met uw kind die nog op de basisschool (van 6-12 jaar) zit. Het is de bedoeling dat u aangeeft welke van de mogelijke reacties het meest lijkt op de reactie die u normaal gesproken in een dergelijke situatie geeft. De antwoorden geven aan welke opvoedingsstijl u zou kunnen hebben.

Klik op het vakje voor het antwoord van uw keuze.

Vragenlijst Opvoedingsstijlen




Vraag 1 Uw kind komt huilend thuis met een grote schaafwond op de knie en een gat in de broek die net nieuw is.

A U troost uw zoon of dochter en plakt een pleister op de knie.
B U geeft uw kind straf voor de kapotte broek
C U bent het meest bezorgd over de knie.

Vraag 2 U vindt het belangrijk dat uw kind wat aan sport gaat doen.

A U zoekt een geschikte club voor uw kind uit en maakt het lid.
B U bespreekt dit met uw kind en probeert hem enthousiast te maken voor een sport.
C U bespreekt het, maar laat het aan uw kind over of het aan sport gaat doen

Vraag 3 Uw kind heeft zijn kamer nog niet opgeruimd, terwijl dat afgesproken was.

A U gaat praten met uw kind om erachter te komen waarom het de kamer nog niet heeft opgeruimd
B U wijst uw kind op de afspraak en vraagt wanneer hij van plan is het nu te doen
C U maakt uw kind duidelijk dat het direct de kamer moet opruimen.

Vraag 4 Uw kind klaagt dat geen enkel vriendje of vriendinnetje wil komen spelen.

A U zegt dat uw zoon of dochter zelf moet gaan spelen.
B U gaat met hem of haar samen spelen.
C U praat erover en probeert samen oplossingen te bedenken.

Vraag 5 Uw zoon of dochter kan een bibliotheekboek van school niet vinden.

A U zal het kind stimuleren om het boek zelf te vinden en helpen als dit nodig is
B U laat het kind net zo lang zoeken tot het boek gevonden is..
C U gaat het boek zelf zoeken

Vraag 6 Uw zoon of dochter komt al voor de derde keer huilend thuis, omdat het op school wordt geplaagd.

A U troost het kind en gaat samen iets leuks doen.
B U luistert naar en praat met het kind om er achter te komen hoe het kind kan worden geholpen.
C U zegt tegen het kind dat het ervoor moet zorgen dat het niet meer geplaagd wordt.

Vraag 7 Uw zoon of dochter springt op een nieuwe bank.

A U ziet dat uw kind graag wil springen, dus u koopt een trampoline.
B U geeft uw kind straf.
C U maakt uw kind heel duidelijk dat u niet wilt dat het op de bank springt.

Vraag 8 Uw kind is teleurgesteld over een onvoldoende voor een proefwerk op school..

A U laat het kind het proefwerk twee keer overschrijven.
B U geeft het kind als troost iets lekkers en gaat samen iets leuks doen.
C U bekijkt met het kind wat er de volgende keer anders kan zodat er een grotere kans is op een beter cijfer.

Vraag 9 U bent aan het praten met een kennis en uw kind vraagt steeds tussendoor uw aandacht.

A U laat uw kind duidelijk merken dat u met een ander praat en u blijft met die ander prate
B U onderbreekt uw gesprek om eerst even met uw kind te praten.
C U geeft uw kind een tik.

Vraag 10 Uw zoon of dochter protesteert elke avond wanneer het naar bed moet.

A U zegt tegen hem of haar: bedtijd is bedtijd, zo is het nu eenmaal.
B U praat erover en zal er na overleg in toestemmen dat het voortaan een half uur later naar bed mag.
C U laat uw kind nog even opblijven